Gezelschappen en makers

Nederland kent een breed aanbod van gesubsidieerde en ongesubsidieerde gezelschappen.

Gesubsidieerd

Niet elk gezelschap dat subsidie krijgt, wordt op dezelfde manier gesubsidieerd. Er zijn gesubsidieerde gezelschappen in de basisinfrastructuur (BIS), meerjarige subsidieontvangers door het Fonds Podiumkunsten (FPK) en door provincie of gemeente gesubsidieerd theater en dans. 

Er zijn ook initiatieven van makers die geen vast gezelschap of vaste kern hebben. Jonge groepen en incidentele initiatieven produceren vaak ad hoc. Voor veel landelijke producties wordt projectsubsidie aangevraagd bij het FPK. Daarnaast subsidiëren ook provincies, gemeenten en particuliere fondsen (ad hoc) theaterinitiatieven. Zo kun je in Amsterdam terecht bij het Amsterdams Fonds voor de Kunst (AFK).

Ongesubsidieerd/commercieel

Ongesubsidieerd produceren gebeurt op iedere schaal en kan zowel een positieve keuze als een noodzaak zijn: grote musicalproducties en kleinschalige voorstellingen van cabaretiers en theatermuzikanten zijn doorgaans niet subsidiabel en worden daarom ook wel ‘commercieel’ genoemd. Dat betekent niet dat deze voorstellingen altijd winstgevend zijn. De musicalwereld is de grootste markt voor commerciële dans. Show- en musicalproducenten produceren voor theater, televisie en het uitgaanscircuit: clubs en evenementen.

Jong talent

Talentontwikkeling is één van de prioriteiten van het cultuurbeleid. De BIS-gezelschappen hebben de opdracht meegekregen om invulling aan talentontwikkeling te geven. Voor theatermakers hebben onder andere Het Nationale Toneel, Internationaal Theater Amsterdam en het RO Theater talentontwikkelingsprogramma’s. Bij dans zijn dit Het Nationale Ballet, Nederlandse Dans Theater en het Scapino ballet. De Coproducers is een initiatief voor talentontwikkeling van gezamenlijke theaters en Moving Futures is speciaal voor dansers.