Stichting

De stichting komt veel voor in de gesubsidieerde culturele sector. In de statuten staat namelijk een doel omschreven dat niet gericht mag zijn op het betalen van bestuursleden of oprichters zonder contraprestatie. Stichtingen mogen wel uitkeringen van ideële of sociale aard aan derden verstrekken. Denk aan de vele particuliere fondsen.

Wie zijn erbij betrokken?

Bij een stichting ligt de hoogste zeggenschap bij het bestuur. Werknemers, opdrachtnemers, vrijwilligers en/of stagiaires kunnen werkzaamheden verrichten voor de stichting. Het bestuur kan op afstand werken, maar heeft het uiteindelijk wel voor het zeggen. De Governance Code Cultuur is een instrument voor goed bestuur en toezicht in de cultuursector.

Wie beschikt over het kapitaal en is aansprakelijk?

Een stichting mag wel winst maken, maar uitkeringen moeten een ideële of sociale strekking hebben. Het betalen van salaris, honorarium of een onkostenvergoeding is iets anders dan het doen van een uitkering. Daarnaast is de stichting een rechtspersoon. Dit betekent dat bestuursleden wel verantwoordelijk zijn voor de stichting, maar niet persoonlijk aansprakelijk. Wie geld tegoed heeft kan zich alleen verhalen op de bezittingen van de stichting, niet op de bankrekening of bezittingen van de bestuursleden. Bij onbehoorlijk bestuur of wanbeleid kunnen bestuurders wel persoonlijk aansprakelijk worden gesteld.

Voorbeelden van de stichting

In de kunst- en cultuursector zijn veel musea, (educatieve) instellingen, podia, gezelschappen en ensembles stichtingen. Waarom? Een stichting heeft een bestuur en geen winstoogmerk. Er kan dus ook subsidie aangevraagd worden én de stichting komt in aanmerking voor een ANBI-status (waardoor het doen van giften aan de stichting, voor particulieren, fiscaal aantrekkelijk wordt). Voor uitvoerend kunstenaars kan het daarom handig zijn om in dienst te zijn bij een stichting of er een opdracht voor te doen.