Arbo- en arbeidstijdenwet

De Arbo- en de Arbeidstijdenwet leggen de werkgever (zware) verplichtingen op om de werknemers te beschermen met het oog op veilig en gezond werken. Elke beroepsgroep kent zijn eigen risico's, fysiek en mentaal. Dansers werken bijvoorbeeld met vergelijkbare risico's als topsporters, musici kunnen  gehoorschade oplopen, filmers en anderen RSI en stress.


Voor wie?

De regels van de Arbo- en Arbeidstijdenwet zijn van toepassing op iedereen die werkt ‘onder gezag’. Naast werknemers vallen dus ook stagiaires, vrijwilligers en uitzendkrachten onder deze wetten. De Arbowet is ook van toepassing op studenten in het hoger onderwijs. 

Werkt een zelfstandige/opdrachtnemer alleen, dan gelden deze wetten niet. In die zin ben je dus als werknemer meer beschermd. Als zelfstandige krijg je in de volgende situaties wél met deze wetten te maken:

  • de Arbowet: wanneer er vrijwilligers (vrienden!), stagiaires of meer in het algemeen personen onder jouw gezag werken: in dat geval heb je dezelfde verplichtingen als een werkgever voor wat betreft de Arbowet;
  • de Arbeidstijdenwet: deze  is op zelfstandigen van toepassing wanneer de veiligheid van derden in het geding is, zoals in het vervoer.

De Arbowet

De Arbowet is gericht op het voorkómen van ongevallen en beroepsziekten. De werkgever moet de risico's in kaart brengen in een Risico Inventarisatie en Evaluatie (RIE) en een plan van aanpak opstellen en zo nodig aanpassen naar de nieuwste inzichten. Hij moet daarbij zo preventief mogelijk te werk gaan. Vrijwaring van agressie en (seksuele) intimidatie is bijvoorbeeld een verplichting van de werkgever.

De regels in het Burgerlijk Wetboek bepalen of en zo ja hoe schadevergoeding gevraagd kan worden na en door een ongeval of beroepsziekte, of meer in het algemeen, na overtreding van de Arbowet door de werkgever. Voor een werknemer is dit juridisch veel gemakkelijker dan voor een zelfstandige.

De Arbeidstijdenwet: uitzonderingen en aanvullingen

Wanneer in een organisatie voor de werknemers niets over de werktijden is vastgelegd, dan geldt de zogenoemde ‘standaardregeling’. De zogenoemde ‘overlegregeling’ kent iets ruimere normen maar hiervan mag de werkgever  alleen gebruikmaken als er collectieve afspraken over gemaakt zijn. De film-, dans- en theaterwereld hebben in hun cao’s bijvoorbeeld afspraken gemaakt over ruimere werktijden voor reizende theatertechnici en filmcrewleden. Indien ook de overlegregeling niet genoeg ruimte schept, moet de werkgever andere oplossingen zoeken en bijvoorbeeld extra krachten inhuren, of de reistijd verkorten door overnachtingen in de buurt van de locatie aan te bieden.

De Arbeidstijdenwet gaat uit van maximale arbeidstijden en minimale rusttijden. Het maakt daarbij niet uit voor hoeveel werk- en/of opdrachtgevers je die uren maakt. Denk hier dus aan als je naast een dienstverband ook als zelfstandige werkt. Die uren tellen ook mee! Wanneer een werknemer zich niet aan de regels houdt, riskeert de werkgever een boete en straf. Vandaar dat er in een aantal cao’s staat dat de werknemer toestemming nodig heeft voor andere werkzaamheden.

De Arbeidstijdenwet is niet van toepassing op werknemers die leidinggevend zijn en op jaarbasis meer dan tweemaal het minimumloon verdienen en werknemers die meer dan driemaal het minimumloon verdienen.